|
|
|
Hans en zijn Speelman
"Toen ik het las dacht ik het al", zegt Bert Speelman.
"Gelukkig", zegt Hans Adriaansen opgelucht.
"Dat Hans saaie studenten naar Wageningen stuurt, dacht ik, dat zal wel uit de duim van de journalist zijn gekomen."
"Journalisten!", briest de directeur van de Roosevelt Academy. "Ze schrijven maar wat op, of je het nou hebt gezegd of niet. Ze maken alles zonder blikken of blozen kapot. Je reputatie, relaties, alles. Interesseert ze niks. Dat zie je maar weer, Bert. Nou was bijna onze fijne relatie om zeep geholpen. En dat had ik heel, heel erg gevonden."
"Ik ook, Hans. Daarom ben ik zo blij met wat je in het interview met ons weekblad zegt."
"Nou ja, interview. Als ik vijf minuutjes met jullie krantje heb gesproken is het veel."
"Een paginagroot stuk is het geworden, Hans."
"Een pagina? Maar ik heb..."
"Wageningen is de mooiste universiteit ter wereld, lees ik hier. Roosevelt is er niks bij. Diep in mijn hart zou ik het liefst een Wageninger willen zijn. Als kind wilde ik ook altijd klompen dragen, maar dat mocht niet van mijn ouders."
"Ik kan me niet herinneren..."
"Als ik in een weiland een koe zie lopen, dan zou ik het liefst mijn rechterarm tot aan de oksel in zo’n beest steken, staat hier. Gewoon om te kijken hoe dat voelt."
"O God nee."
"Daarom zou ik je willen vragen of je bij ons bijzonder hoogler... Hans?"
Speelman legt de hoorn op de haak. "Opgehangen", zegt hij.
"Is hij er ingetrapt?", vraagt Aalt Dijkhuizen.
De rector knikt tevreden.
25.03.2004
|