|
|
|
Goodwill
'Studentenorkest De Ontzetting krijgt twaalf maanden', leest Tijs Breukink hardop voor.
'Goed zo', zegt Aalt Dijkhuizen, die net komt binnenlopen. 'Zo vals als die spelen. Hoeveel daarvan is voorwaardelijk?'
'Twaalf maanden bestuursbeurs, Aalt', zegt Breukink. 'Geen celstraf.'
Dijkhuizen zucht. Teleurgesteld gooit de leider der leiders zijn jas op het bureau en kijkt zijn mathematische rechterhand hoofdschuddend aan. 'Was het dan zo moeilijk om je rubberen ruggengraat recht te houden?', vraagt Dijkhuizen.
'Heeft niks met ruggengraat te maken', zegt Breukink. 'Martin en ik hebben gewoon voeling met de academische cultuur. Omnia mutantur, nos et mutamur in illis.'(1)
Breukink overhandigt Dijkhuizen een paar velletjes papier. Het resultaat van zijn werk en dat Kropf.
'In totaal 1735 maanden bestuursbeurs', leest Dijkhuizen stamelend.
'Accipere quam facere praestat injuriam'(2), zegt Martin Kropff troostend.
'Martin vindt dat we moeten laten zien dat studenten net zo belangrijk zijn als het bedrijfsleven', zegt Breukink. 'We kweken hier goodwill mee.'
'Dat mag ook wel', brengt Dijkhuizen uit, terwijl hij wankelend steun zoekt op de rand van het bureaublad.
'Unitas', leest Breukink verder. '136 maanden beurs.'
'Opmerkelijk veel voor een voetbalclub', mompelt Dijkhuizen.
'Unitas is geen...', begint Kropff.
'Navigators', gaat Breukink door. 'Zestien maanden.'
'En maar zuipen op onze kosten', zegt Dijkhuizen.
'In het geval van de Navigators...', probeert Kropff.
'Flatoverleg', zegt Breukink. 'Dertig maanden.'
'Hele goede club', zegt Kropff snel. 'Onderhandelt met Idealis.'
'Dat wil dus zeggen dat er continu twee-en-een-halve student aan het praten is met de huisbaas', rekent Dijkhuizen uit. 'Waar hebben ze het in hemelsnaam over?'
'Zonder al die grote en kleine verenigingen is de het studentenleven ten dode opgeschreven, Aalt', zegt Kropff.
'Pecunia in Arboretum non crescit'(3), zegt Dijkhuizen dof.
1. Alles verandert, en wij veranderen mee.
08.03.2007
|