|
|
|
De theorie van Endel
'Stel dat ik een ingeving krijg', zegt Bert Speelman.
'Je hebt er nou de tijd voor', zegt Kees van Ast.
'Ik besef ineens dat we met z'n allen wonen in de endeldarm van een koe. En die wereld waarin die koe rondloopt, dat is weer de endeldarm van een nog veel grotere koe. Enzovoorts.'
'Ik was er al bang voor', zegt Van Ast, en plukt Speelmans sigaar uit diens mond. 'Professor Speelman heeft teveel psychotrope moleculen van zijn pretsigaartje geabsorbeerd.'
'En dan ga ik eisen dat ze mijn inzicht opnemen in schoolboekjes. Da's net zoiets.'
Van Ast hoest en blaast rook uit. 'Je gaat me niet vertellen dat je dit spul over je longen moet roken', zegt hij.
'Nou niet snel over iets anders beginnen', zegt Speelman.
'Stel nou dat evolutie bestaat...', zegt Van Ast.
'Denkfout, Kees!', roept Speelman. 'Evolutie is een feit. Geen veronderstelling.'
'...en stel dat alleen de allersterksten overleven...' Van Ast maakt zijn zin niet af. De deur gaat open.
''Heren van het goede leven', zegt Aalt Dijkhuizen.
'Dag harde werker', groet Speelman.
'De hele verdieping kan jullie interessante gesprek woordelijk volgen. Ik kan me niet concentreren, en ik moet de sollicitatiebrieven van jullie opvolgers nog lezen. Mag ik jullie vragen...'
'Ik zet vraagtekens bij een dogma', zegt Van Ast. 'En dat kan Bert niet hebben.'
'De manier waarop Kees Darwin belachelijk maakt vind ik kwetsend', verweert Speelman zich.
Dijkhuizen laat zijn oogleden zakken. 'Ik ga wel in de auto werken', zegt hij vermoeid.
26.05.2005
|