|
Opgepoetst | 3-10-2018 Varkens reservoir voor hepatitis E
'In de jaren negentig ontdekten onderzoekers het nieuwe hepatitis E-virus', zegt Martijn Bouwknegt. 'Aanvankelijk alleen bij mensen die recent ontwikkelingslanden hadden bezocht, maar later ook bij Nederlanders die niet in het buitenland waren geweest.' Vee was mogelijk een bron van besmetting.
Bouwknegt richt zich in zijn promotieonderzoek bij de Wageningse leerstoelgroep Kwantitatieve veterinaire epidemiologie op de verspreiding van het hepatitis E-virus vanuit varkens. 'Dierenartsen die frequent met varkens in contact komen, hebben vaker antistoffen tegen hepatitis E in hun bloed dan doorsnee Nederlanders', zegt Bouwknegt. 'Bovendien vind je op meer dan de helft van de Nederlandse varkensbedrijven besmette dieren.'
Varkens die besmet zijn met het virus ondervinden daar voor zover Bouwknegt kon achterhalen geen hinder van. Bij mensen kan het virus echter zorgen voor leverontsteking, waardoor patienten geelzucht kunnen krijgen en moe en misselijk worden.
'Of en hoe varkens mensen kunnen besmetten weten we nog niet precies', vertelt Bouwknegt. 'Amerikaanse onderzoekers hebben in varkenslevers, die al in winkels lagen, hepatitisvirussen aangetroffen. In theorie kunnen die tot besmetting leiden. Ook wij hebben het virus gevonden in varkenslevers uit winkels. We hebben alleen niet kunnen achterhalen of die virussen mensen kunnen besmetten.'
Uit proeven waarin kunstmatig besmette varkens in aanraking werden gebracht met niet-geinfecteerde dieren, kon de onderzoeker afleiden dat die besmetting inderdaad plaatsvindt. 'In onze experimenten kon een enkel besmet dier bijna negen gezonde dieren besmetten', zegt Bouwknegt. 'Waarschijnlijk gebeurt dat via de feces. We vermoeden dat die route ook bijdraagt aan de besmetting van mensen.'
Bouwknegts onderzoek is bekostigd door Wageningen Universiteit, RIVM, CVI en productschap PVE. Wat de sector met zijn onderzoek zal doen weet Bouwknegt niet, maar hij heeft wel suggesties voor verder onderzoek. 'Nu weten we alleen dat de verspreiding van het virus maximaal is aan het begin van de afmestperiode, en dat enkele varkens ook geinfecteerd zijn tijdens de slacht. We zouden varkens in bestaande bedrijven over een langere periode moeten volgen. Zo kunnen we achterhalen op welk punt van hun levenscyclus varkens het meest gevoelig zijn voor het virus.'
Kennis On Line, juni 2009.
|